◄▬ 1949 ▬►
Inhoudsopgave deze pagina
1949 Ronde Tafel Conferentie


1949 Ronde Tafel Conferentie

In de zomer van 1949 kwam in Den Haag de Ronde-Tafel-Conferentie bijeen, die over de modaliteiten van het onafhankelijk borden van Indonesië zou beraadslagen. Ik werd benoemd tot lid van de culturele commissie van de Conferentie. Deze commissie bestond uit drie delegaties : de Nederlandse, waarvan mr. P.J. Idenburg voorzitter en ik ondervoorzitter werd; die van de Republiek, onder voorzitterschap van mr. Ali Sastroamidjojo; die van de Deelstaten, onder voorzitterschap van Abdul Malik, Wali-Negara van Zuid-Sumatra, die in 1947 deel had uitgemaakt van onze delegatie naar de Algemene Conferentie van Unesco te Mexico. Tot de Indonesische delegaties behoorden ook verschillende Indische vorsten. Het presidium bestond uit de voorzitters van de drie delegaties, die om de beurt de commissie presideerden. Wanneer mr. Idenburg aan de beurt was, trad ik op als voorzitter en woordvoerder van de Nederlandse delegatie en ook aan de vergaderingen van het presidium heb ik geregeld deelgenomen. De vergaderingen werden gehouden in de Statenzaal, de voormalige vergaderzaal van de Staten-Generaal aan het Binnenhof. 

Uit de werkzaamheden van de commissie is voortgekomen een ontwerp-cultureel verdrag, waarvan de tekst grotendeels ontleend was aan de culturele verdragen, die wij toen al o.a. met België en met Frankrijk hadden gesloten. De Indonesiërs stonden erop, dat ook in deze tekst telkens er van gesproken werd, dat het verdrag tussen twee vrije en onafhankelijke volken zou worden gesloten. Verder leverde de inhoud weinig moeilijkheden op.
Het verdrag voorzag ook in de oprichting van een bilaterale commissie en ik was bestemd, daarvan deel uit te maken. Het culturele verdrag is als onderdeel van het eindverdrag Nederland-Indonesië tot stand gekomen, maar is nooit uitgevoerd. Ook de commissie is nooit bijeen geweest.
In de winter van 1949, na de souvereiniteitsoverdracht, deelde minister Rutten mij mede, dat de ministerraad besloten had, mij naar Indonesië te zenden om te trachten de commissie tot uitvoering van het cultureel verdrag op gang te brengen, maar kort daarna werd deze opdracht weer ingetrokken, zodat ik de reis naar Indonesië tot mijn spijt niet heb behoeven te maken.
Alle deelnemers aan de Ronde-TafelConferentie kregen na afloop van de regering een fraai Delfts wandbord ter herinnering. Het opschrift luidde : "Door saâm te overleggen en 't juiste woord te zeggen, vaart men immer wel.".

Ronde Tafel Conferentie (losse bijlagen)

 

◄▬ 1949 ▬►
/**
Powered by Website Baker
*/